netstat (opdracht)

Doel

De netwerkstatus afbeelden.

Syntaxis

De actieve sockets voor elk protocol of de gegevens van de routetabel afbeelden:

netstat [ -num ] [ -routtable ] [ -routinfo] [ -state ] [ -socket ] [ -protocol Protocol ] [ Interval ]

De inhoud van een netwerk-gegevensstructuur afbeelden:

netstat [ -stats | -cdlistats ] [ -protocol protocol ] [ Interval ]

Het protocol voor adresomzetting afbeelden:

netstat -arp

Alle statistische gegevens wissen:

netstat -clear

Beschrijving

Met de opdracht netstat kunt u de inhoud van verschillende netwerk-gegevensstructuren symbolisch afbeelden voor actieve verbindingen.

Vlaggen

Vlag Beschrijving
-arp Interfaces voor adresomzetting afbeelden.
-cdlistats Statistieken afbeelden voor CDLI-communicatieadapters.
-clear Alle statistische gegevens wissen.
-num Netwerkadressen afbeelden als getallen. Als u deze vlag niet opgeeft, probeert de opdracht netstat waar mogelijk de adressen te interpreteren en deze symbolisch af te beelden. U kunt deze vlag gebruiken met elke weergave-indeling.
-protocol protocol Hiermee worden er statistische gegevens afgebeeld over de waarde die is opgegeven voor de variabele protocol, in de vorm van een universele naam of een alias voor een protocol. Een lege respons betekent dat er geen waarden zijn om te rapporteren. Het programmarapport voor de waarde die is opgegeven voor deze variabele, is onbekend als er geen statistische routine voor is.
-routinfo De routetabellen afbeelden, inclusief de door de gebruiker geconfigureerde en huidige kosten van elke route.
-routtable Hiermee beeldt u de routetabellen af. In combinatie met de vlag -stats worden met de vlag -routtable statistische gegevens over routes afgebeeld. Zie Weergave Routetabel voor meer informatie.
-socket Hiermee worden de netwerksockets afgebeeld.
-state De status van alle geconfigureerde interfaces afbeelden.
In de schermindeling voor interfaces vindt u een tabel van cumulatieve statistische gegevens voor de volgende items:
  • Fouten
  • Botsingen
    Opmerking: Het aantal botsingen (collisions) wordt niet afgebeeld voor Ethernet-interfaces.
  • Overgebrachte pakketten

In de afgebeelde interface-informatie vindt u ook naam, nummer en adres van de interface en de MTU's (maximum transmission units).

-stats Hiermee worden statistieken afgebeeld voor elk protocol.
Interval Hiermee wordt continu informatie afgebeeld, in seconden, over het pakketverkeer op de geconfigureerde netwerkinterfaces.

Standaardweergave

In de standaardweergave voor actieve sockets worden de volgende items afgebeeld:
  • Lokale adressen en adressen op afstand
  • Groottes van wachtrijen voor verzenden en ontvangen (in bytes)
  • Protocol
  • Interne status van het protocol

Internetadressen hebben de notatie host.poort of netwerk.poort als het adres van een socket een netwerk aangeeft maar niet een specifiek hostadres. Als het adres kan worden omgezet naar een symbolische hostnaam, wordt het hostadres, net als de netwerkadressen, symbolisch afgebeeld.

NS-adressen zijn 12 bytes lang en bestaan uit een netwerknummer van 4 bytes, een hostnummer van 6 bytes en een poortnummer van 2-bytes, allemaal opgeslagen in de standaardindeling van het netwerk. In de VAX-architectuur zijn het woord en de byte omgekeerd.

Als een symbolische naam voor een host niet bekend is, of als u de vlag -num hebt opgegeven, wordt het adres numeriek afgebeeld, volgens de adressenfamilie. Niet opgegeven adressen en poorten worden weergegeven met een * (sterretje).

Interfaceweergave

In de schermindeling voor interfaces vindt u een tabel van cumulatieve statistische gegevens voor de volgende items:
  • Fouten
  • Botsingen
    Opmerking: Het aantal botsingen (collisions) is niet van toepassing voor Ethernet-interfaces.
  • Overgebrachte pakketten

In de interfaceweergave vindt u ook naam, nummer en adres van de interface en de MTU's (maximum transmission units).

Weergave Routetabel

In de weergave voor de routetabel worden de beschikbare routes en de bijbehorende statussen afgebeeld. Elke route bestaat uit een doelhost of doelnetwerk en een gateway voor het doorsturen van pakketten.

Een route wordt aangegeven met de notatie A.B.C.D/XX. A.B.C.D geeft het doeladres aan en XX het netwerkmasker dat bij de route hoort. Het netwerkmasker wordt aangegeven met het ingestelde aantal bits. Zo heeft de route 9.3.252.192/26 een netwerkmasker van 255.255.255.192, waarvoor 26 bits zijn ingesteld.

De routetabel bevat de volgende velden:
Veld Beschrijving
Vlaggen In het veld Flags van de routetabel wordt de status van de route aangegeven:
A
Op de route is een Active Dead Gateway Detection ingeschakeld
U
Omhoog
H
De route is naar een host in plaats van naar een netwerk
G
De route is naar een gateway
D
De route is dynamisch gemaakt met een omleiding (redirect)
M
De route is gewijzigd door een omleiding (redirect)
L
Het link-level-adres is aanwezig in het route-item
c
Met de toegang tot deze route wordt een gekloonde route gemaakt.
W
De route is een gekloonde route
1
Protocolspecifieke routevlag #1
2
Protocolspecifieke routevlag #2
3
Protocolspecifieke routevlag #3
b
De route staat voor een broadcastadres
e
Heeft een binding-cachegegeven
l
De route vertegenwoordigt een lokaal adres
m
De route vertegenwoordigt een multicastadres
P
Vastgezette route
R
Host of netwerk is onbereikbaar
S
Handmatig toegevoegd
u
Route is bruikbaar
s
Voor de groepsroutes is de optie stopsearch ingeschakeld op de route

Directe routes worden gemaakt voor elke interface die is aangesloten op de lokale host.

Gateway Hier wordt het adres aangegeven van de uitgaande interface.
Refs Hier vindt u het huidige aantal keren dat de route wordt gebruikt. Verbindings-georiënteerde protocollen werken gedurende een verbinding met één enkele route, terwijl verbindingsloze protocollen een route verkrijgen tijdens het verzenden naar dezelfde bestemming.
Use Hier wordt aangegeven hoeveel pakketten er via de route zijn verzonden.
PMTU Hier vindt u de PMTU (Path Maximum Transfer Unit).
Interface Hier worden de netwerkinterfaces aangeven die zijn gebruikt voor de route.
Exp De tijd (in minuten) die resteert voordat de route vervalt.
Groups Hier vindt u een lijst van de groeps-ID's behorend bij de route.
Netmasks De netwerkmaskers die op het systeem zijn aangebracht.
Route Tree for Protocol Family Hier vindt u de actieve adressenfamilies voor bestaande routes. Geldige waarden voor dit veld zijn:
1
De UNIX-adressenfamilie
2
De internet-adressenfamilie (bijvoorbeeld TCP en UDP)
3
De XNS (Xerox Network System)-adressenfamilie

Als er een waarde is opgegeven voor de variabele Interval, wordt er met de opdracht netstat een doorlopende telling afgebeeld van de statistieken met betrekking tot netwerkinterfaces. In deze weergave vindt u twee kolommen: een kolom voor de primaire interface (de eerste gevonden interface van de automatische configuratie) en een kolom met overzichtsgegevens voor alle interfaces. De eerste regel bevat een overzicht van de statistieken die zijn verzameld sinds de laatste keer dat het systeem is opgestart. In de daaropvolgende regels an de uitvoer worden de waarden afgebeeld die zijn verzameld tijdens de intervallen met de opgegeven lengte.

Exitstatus

Zie Exitstatus voor Virtual I/O Server-opdrachten.

Voorbeelden

  1. Voor het afbeelden van de routetabel voor een internet-interface, typt u de volgende opdracht:
    netstat -routtable

    Dit levert resultaten op die lijken op het volgende:

    Routing tables
    Destination      Gateway           Flags   Refs     Use  If   PMTU Exp Groups
    
    Route tree for Protocol Family 2 (Internet):
    default          129.3.141.1       UGc       0        0  en0     -   -  
    129.33.140/23    127.0.0.1         U         6       53  en0     -   -  
    129.33.41.2      localhost         UGHS      6      115  lo0     -   -  
    129.45.41.2      129.3.41.1        UGHW      1      602  en0  1500   -  
    dcefs100         129.31.41.1       UGHW      1        2  en0     -   -  
    192.100.61       localhost         U         7    14446  lo0     -   -  
    
    Route tree for Protocol Family 24 (Internet v6):
    ::1              ::1               UH        0        0  lo0 16896   -  
    
  2. Voor het afbeelden van informatie over een internet-interface, typt u de volgende opdracht:
    netstat -state 

    Dit levert resultaten op die lijken op het volgende:

    Name  Mtu   Network     Address              Ipkts Ierrs    Opkts Oerrs  Coll
    en0   1500  link#2      0.5.20.4.0.4e       874986     0    22494     0     0
    en0   1500  90.34.14    hostname            874986     0    22494     0     0
    lo0   16896 link#1                           14581     0    14590     0     0
    lo0   16896 129         localhost            14581     0    14590     0     0
    lo0   16896 ::1                              14581     0    14590     0     0
    
  3. Voor het afbeelden van de netwerkaansluitingen, geeft u de volgende opdracht op:
    netstat -socket