Voordat u met lineaire activa kunt werken, moet u
eerst een of meer lineaire verwijzingsmethoden configureren.
Een lineaire verwijzingsmethode (Linear Referencing
Method of LRM) bepaalt de positie van een lineair activum aan de hand van een
beginpunt, een maateenheid en een richting.
Over deze taak
Om een lineaire verwijzingsmethode te configureren
geeft u maateenheden op voor de lengte van het lineaire activum en voor drie
verschuivingsmetingen. U kunt meerdere lineaire referentiemethoden definiëren, maar u kunt er slechts één op een afzonderlijk lineair activum toepassen. U kunt een lineaire verwijzingsmethode niet meer wijzigen nadat u deze hebt toegevoegd aan een activum.
Procedure
- Selecteer in het menu Actie selecteren in de toepassing Activa de optie Lineaire verwijzingsmethoden toevoegen/wijzigen.
- Klik op Nieuwe rij.
- Geef waarden op in de volgende velden:
| Optie |
Beschrijving |
| LRM |
Naam van de lineaire verwijzingsmethode. |
| Maateenheid |
De maateenheid voor het meten van de lengte van het lineaire activum,
bijvoorbeeld kilometer of mijl. De maateenheid moet in de database aanwezig zijn. |
| Basismaateenheid |
In dit veld wordt standaard de waarde van het veld Maateenheid afgebeeld, maar u kunt een andere waarde opgeven. |
| Maateenheid verschuiving |
De maateenheid voor de begin- en eindreferentiepunten van het lineaire activum. De maateenheid voor een lineair activum kan bijvoorbeeld een mijl zijn, maar u kunt ook voeten gebruiken om de afstand tot een referentiepunt uit te
drukken. U krijgt dan waarden als 300 voet van mijlpaal 12. |
- Optioneel: U kunt ook waarden opgeven in de volgende velden:
| Optie |
Beschrijving |
| Maateenheid Y-verschuiving |
De afstand, gemeten loodrecht op het lineaire activum, bijvoorbeeld
een snelheidsbord die 3 meter rechts van de weg is geplaatst. |
| Maateenheid Z-verschuiving |
De afstand, gemeten boven of onder een lineair activum.
Bijvoorbeeld een afritbord dat zich 6 meter boven het wegoppervlak bevindt,
of een een afvoerbuis die zich 2 meter onder de grond bevindt. |
| Y-verwijzing |
Het punt van waaraf de Y-verschuiving wordt gemeten. Een stopbord bevindt zich bijvoorbeeld
niet 8 meter van de weg, maar 8 meter van de middenlijn van de weg. |
| Z-verwijzing |
Het punt van waaraf de Z-verschuiving wordt gemeten. Bijvoorbeeld
een afritbord dat zich 6 meter boven het wegoppervlak bevindt,
of een een afvoerbuis die zich 2 meter onder de grond bevindt. |
- Klik op OK.